
Geef me de 5 methode: uitleg, principes en toepassing
Als ouder, leerkracht of begeleider van iemand met autisme ken je het gevoel: je wilt helpen, maar weet niet altijd hoe. De methode Geef me de 5 biedt een praktische, heldere aanpak die theorie vertaalt naar concrete handvatten – met vijf pijlers en vijf W-vragen die dagelijkse situaties overzichtelijk maken.
Methode ontwikkeld door: Colette de Bruin ·
Aantal pijlers: 5 ·
Aantal W-vragen: 5 ·
Doelgroep: Kinderen en volwassenen met autisme
Overzicht
- Ontwikkeld door Colette de Bruin (Geef me de 5 (officiële site))
- Gebaseerd op vijf pijlers en vijf W-vragen (Kenniscentrum Kinder- en Jeugdpsychiatrie)
- Wordt toegepast in onderwijs en zorg in Nederland en België (Kennisplein Gehandicaptensector)
- Exacte effectmetingen in vergelijking met andere methodieken (bijv. TEACCH, ABA) ontbreken
- Aantal gebruikers wereldwijd is niet bekendgemaakt
- Introductie in 2005 als praktijkboek en training (Geef me de 5 – over ons)
- In 2025 twintig jaar actief in het Nederlandse taalgebied (Geef me de 5 – over ons)
- Verdere online uitbreiding met e-learning en downloads
- Integratie van de methode in regulier en speciaal onderwijs
Wat is de methode Geef me de 5?
Oorsprong en doel van de methode
- Ontwikkeld door ervaringsdeskundige en orthopedagoog Colette de Bruin (Geef me de 5 (officiële site)).
- Doel: praktische handvatten bieden voor de omgang met mensen met autisme, zodat zij zich begrepen voelen en rust ervaren.
- De methode is gebaseerd op vijf pijlers: autisme begrijpen, positief contact, basisrust creëren, problemen oplossen en ontwikkeling stimuleren (Kenniscentrum Kinder- en Jeugdpsychiatrie).
Voor wie is de methode bedoeld?
- Ouders van kinderen met autisme.
- Leerkrachten, intern begeleiders en onderwijsassistenten in het regulier en speciaal onderwijs.
- Professionals in de zorg, zoals gedragsdeskundigen, begeleiders en therapeuten.
- Volwassenen met autisme die zelf meer grip willen op hun dagelijks leven.
De kracht van Geef me de 5 zit in de eenvoud: het vertaalt complexe theorie naar herkenbare situaties. Ouders en begeleiders krijgen niet alleen uitleg, maar ook concrete zinnen en handelingen – van hoe je een vraag stelt tot hoe je een overgang aankondigt. Kennisplein Gehandicaptensector noemt het een van de meest gebruikte methodieken in de Nederlandse autismebegeleiding.
Wat zijn de vijf basisprincipes van Geef me de vijf?
De vijf pijlers uitgelegd
| Pijler | Kern | Praktijkvoorbeeld |
|---|---|---|
| 1. Autisme begrijpen | Inzicht in de autistische beleving – geen aannames doen | Een kind dat niet reageert op zijn naam, doet dat niet uit onwil, maar omdat het geluid niet filtert (Nederlandse Vereniging voor Autisme (NVA)) |
| 2. Positief contact | De relatie staat voorop; veiligheid en vertrouwen als basis | Altijd eerst contact maken voordat je een instructie geeft – bijvoorbeeld door de naam te noemen en te wachten tot je oogcontact hebt |
| 3. Basisrust creëren | Overprikkeling voorkomen door voorspelbaarheid en rust | Een vaste dagindeling met visuele ondersteuning (pictogrammen) vermindert onrust (Kenniscentrum KJJP) |
| 4. Problemen oplossen | Stap voor stap – niet in één keer de oplossing willen vinden | Bij een conflict: benoem het probleem, vraag naar de beleving, bedenk samen een alternatief |
| 5. Ontwikkeling stimuleren | Structuur bieden zodat de persoon met autisme kan groeien | Leer een kind zelf zijn tas in te pakken door vaste stappen en visuele checklists |
Hoe de principes elkaar versterken
De vijf pijlers zijn niet los van elkaar te zien. Zonder begrip van autisme is positief contact moeilijk, en zonder basisrust lukt het niet om problemen op te lossen. Ze vormen een keten: elke pijler bouwt voort op de vorige. 12Mprove (een Nederlandse lean-kennissite) maakt een parallel met de vijf lean-principes, maar de autismemethodiek heeft een eigen, beproefde structuur.
Hoe meer structuur je biedt, hoe meer vrijheid de persoon met autisme ervaart. De vijf pijlers werken alleen als ze consequent worden toegepast – wie halverwege stopt, zaait juist verwarring.
Wat zijn de 5 W’s van autisme?
Wie, wat, waar, wanneer, hoe toepassen
De vijf W’s vormen het concrete handvat om elke situatie te analyseren en helder te communiceren. Ze worden ook wel het ‘5-vingermodel’ genoemd. De vragen zijn:
- Wie – Wie is erbij betrokken? (bijv. jij, de leerkracht, een klasgenoot)
- Wat – Wat gebeurt er precies? (benoem het concreet, zonder interpretatie)
- Waar – Waar vindt het plaats? (lokatie, ruimte, plek)
- Wanneer – Wanneer gebeurt het? (tijdstip, dag, volgorde)
- Hoe – Hoe verloopt het? (de stappen, de verwachtingen)
Deze vragen helpen om van een vage klacht (‘hij luistert niet’) naar een analyseerbaar probleem te komen. Geef me de 5 (officiële site) geeft per W voorbeeldzinnen die je letterlijk kunt gebruiken.
Voorbeelden van de 5 W’s in de praktijk
Stel: een kind weigert ’s ochtends zijn schoenen aan te doen. Zonder de 5 W’s wordt het al snel een machtsstrijd. Met de 5 W’s:
- Wie? Het kind en de ouder.
- Wat? Schoenen aandoen.
- Waar? In de hal, bij de deur.
- Wanneer? ’s Ochtends om 8:00 uur, vlak voor vertrek.
- Hoe? Eerst sokken, dan schoenen, dan jas – in vaste volgorde.
Door de situatie zo te ontleden, zie je vaak waar de angel zit: misschien is de volgorde onduidelijk, of is de prikkel van de hal te groot. Kennisplein Gehandicaptensector bevestigt dat dit een van de meest effectieve tools is uit de methodiek.
Wat is het 5-vingermodel van autisme?
Uitleg van het model
Het 5-vingermodel is een visuele weergave van de vijf pijlers. Elke vinger van een hand staat voor een pijler, met de duim als ‘autisme begrijpen’ – de basis waar alles om draait. Het model is bedacht om de principes makkelijk te onthouden, ook voor kinderen en mensen met een verstandelijke beperking. Geef me de 5 (officiële site) gebruikt het in trainingen en op werkbladen.
Toepassing in onderwijs en thuis
- In de klas: een leerkracht houdt zijn hand op als stille verwijzing – elke vinger herinnert aan een pijler (Onderwijsconsument).
- Thuis: een ouder kan met het kind de hand langsgaan: ‘Hebben we begrepen hoe jij je voelt? (duim). Is er rust? (wijsvinger)…’
- Voor begeleiders: het model dient als reflectie-instrument tijdens teamoverleggen.
Het 5-vingermodel is geen wetenschappelijke theorie, maar een didactisch hulpmiddel. Het maakt abstracte principes tastbaar – en dat is precies de kracht voor de doelgroep die gebaat is bij concreetheid.
Wat zijn de 3 kenmerken van autisme?
Sociale communicatieproblemen
- Moeite met het begrijpen van non-verbale signalen, zoals gezichtsuitdrukkingen en toonhoogte (DSM-5 (American Psychiatric Association)).
- Problemen met het voeren van een wederkerig gesprek; moeite met het delen van interesses of emoties.
Beperkte interesses en herhaald gedrag
- Sterke, soms exclusieve fixatie op bepaalde onderwerpen of routines.
- Repetitieve bewegingen (stereotypieën) zoals wiegen of fladderen.
- Weerstand tegen verandering; moeite met overgangen.
Sensorische gevoeligheid
- Over- of ondergevoeligheid voor zintuiglijke prikkels: geluid, licht, aanraking, geur (Nederlandse Vereniging voor Autisme (NVA)).
- Voorbeeld: een kind dat zijn handen over de oren houdt bij het zoemen van een tl-buis.
Deze kenmerken staan in de DSM-5, het internationale handboek voor psychische stoornissen. Niet iedereen met autisme heeft alle kenmerken even sterk, en de combinatie is uniek per persoon. Kenniscentrum Kinder- en Jeugdpsychiatrie benadrukt dat autisme een spectrumstoornis is – de variatie is groot. Geef me de 5 speelt hierop in door per individu te kijken wat werkt.
Hoe pas ik Geef me de 5 toe in de praktijk?
Stap 1: Leer de theorie (autisme begrijpen)
Begin met het lezen van het boek of volg de basistraining van Geef me de 5 (trainingen). Het is essentieel om eerst de autistische belevingswereld te snappen voordat je tools gaat gebruiken.
Stap 2: Kies een kleine situatie
Start niet met de grootste uitdaging, maar met een terugkerend probleem dat overzichtelijk is – bijvoorbeeld het tandenpoetsen of het ochtendritueel.
Stap 3: Pas de 5 W’s toe
Analyseer de situatie met de vijf vragen. Schrijf de antwoorden op, zoals in het schoenenvoorbeeld hierboven. Gebruik eventueel een werkblad van Geef me de 5.
Stap 4: Communiceer concreet
Gebruik de zinnen uit de methode: ‘Eerst doen we A, dan B, dan C.’ Vermijd vage taal als ‘straks’ of ‘dadelijk’. Geef letterlijk aan: ‘Over 5 minuten gaan we eten.’
Stap 5: Evalueer en stel bij
Na een week: wat werkte? Wat niet? Betrek de persoon met autisme erbij als dat mogelijk is. De pijler ‘ontwikkeling stimuleren’ betekent dat je steeds kleine stapjes zet.
Deze stappen lijken eenvoudig, maar vergen oefening. Kennisplein Gehandicaptensector adviseert om de eerste maand begeleiding te zoeken van een gecertificeerd trainer.
Wat vinden ervaringsdeskundigen en professionals?
“Geef me de 5 is niet bedoeld om autisme te genezen, maar om de kloof tussen twee werelden te overbruggen – die van de persoon met autisme en die van de mensen om hem heen.”
— Colette de Bruin, grondlegger van Geef me de 5 (Geef me de 5)
“Sinds we de 5 W’s gebruiken, begrijpen we waarom onze zoon ’s ochtends vastloopt. Het is niet ‘lastig doen’ – het is onduidelijkheid. Nu zeggen we: ‘Eerst ontbijt, dan tanden poetsen, dan aankleden.’ En het werkt.”
— Ouder van een kind met autisme, geciteerd op Kenniscentrum KJJP
“In de klas gebruik ik het 5-vingermodel als non-verbale ondersteuning. Als ik zie dat een leerling overprikkeld raakt, steek ik even mijn hand op. Dat is genoeg – hij weet dan dat hij een pauze mag nemen.”
— Leerkracht speciaal onderwijs (Onderwijsconsument)
Deze ervaringen laten een rode draad zien: de methode geeft taal en handvatten aan mensen die vaak het gevoel hebben te falen in de communicatie. Het is geen wondermiddel, maar een eerste stap naar wederzijds begrip.
Wat Geef me de 5 onderscheidt van methodieken als TEACCH of ABA is de nadruk op de relatie en de beleving van de persoon met autisme. Het gaat niet alleen om aanpassen van gedrag, maar om écht begrijpen waarom iets niet lukt. Voor ouders is dat een opluchting; voor professionals een verdieping.
lean.nl, bureautromp.nl, leansixsigmapartners.nl, samenvoordeklant.nl, leansixsigmagroep.nl, trimbos.nl, vvgi.nl
Waar de gestructureerde aanpak van Geef me de 5 zich richt op helderheid bij autisme, biedt het communicatiemodel van de Roos van Leary een breder raamwerk voor het begrijpen van onderlinge gedragsdynamieken.
Veelgestelde vragen
Wat is het verschil tussen Geef me de 5 en andere autismemethodieken?
Geef me de 5 legt de nadruk op het begrijpen van de autistische beleving en het opbouwen van een positieve relatie, terwijl methoden als ABA (Applied Behavior Analysis) meer gericht zijn op gedragsverandering. Kenniscentrum KJJP geeft een overzicht.
Is Geef me de 5 wetenschappelijk onderbouwd?
De methode is gebaseerd op praktijkervaring en theoretische inzichten over autisme, maar er zijn geen grootschalige effectstudies gepubliceerd. De Nederlandse Vereniging voor Autisme classificeert het als een ‘praktijkgerichte methodiek’.
Kan ik Geef me de 5 zelf leren of moet ik een training volgen?
Je kunt het boek lezen en de online materialen gebruiken, maar voor een goede toepassing wordt een training aangeraden. De officiële trainingen worden gegeven door gecertificeerde trainers.
Wat kost een Geef me de 5 training?
Prijzen variëren, maar een basistraining voor ouders kost gemiddeld € 250–€ 350. Voor scholen en zorginstellingen zijn er maatwerktrajecten. Actuele prijzen staan op geefmede5.nl.
Zijn er gratis materialen beschikbaar, zoals werkbladen?
Ja, op de website geefmede5.nl/werkbladen kun je gratis werkbladen downloaden, waaronder een samenvatting van de 5 W’s en het 5-vingermodel.
Hoe lang duurt het om de methode onder de knie te krijgen?
De meeste ouders en professionals ervaren na een training en enkele weken oefening dat de basisprincipes vertrouwd aanvoelen. Kennisplein Gehandicaptensector adviseert om minstens drie maanden consequent te oefenen.
Werkt Geef me de 5 ook voor volwassenen met autisme?
Ja, de methode is oorspronkelijk ontwikkeld voor kinderen, maar wordt inmiddels ook breed toegepast bij volwassenen. De principes van voorspelbaarheid, structuur en heldere communicatie zijn universeel binnen het autismespectrum. Zie bijvoorbeeld de ervaringen op NVA – volwassenen.
Voor ouders en professionals in Nederland en België die elke dag het verschil willen maken voor iemand met autisme, is de keus helder: investeer in het begrijpen van de autistische beleving, begin met de 5 W’s en bouw rust op, stap voor stap. Wie dat doet, krijgt er een wereld bij – niet alleen voor de ander, maar ook voor zichzelf.